Handelingsgericht werken

Op een morgen is er een vergadering van directies en intern begeleiders. Enige spanning is op de gezichten van de organisatoren en deelnemers te lezen. Er moet een keuze gemaakt worden of er op scholen in de omgeving gewerkt gaat worden met Handelingsgericht Werken (HGW) of Handelingsgerichte procesdiagnostiek (HGPD). Het lijkt alsof er een strijd gaande is over wie het gaat winnen. Voorin de zaal zitten echter de twee inleiders in een geanimeerd gesprek. Wonderlijk genoeg blijkt dat hun visie niet tegengesteld is aan elkaar, maar juist complementair. Beide sprekers hebben oog voor het positieve van elkaars werk en van elkaars competenties. Zij leren van elkaar, want ze werken samen! Zij werken beiden handelingsgericht!

Tekst: Anneke Struijk

Veel scholen en Samenwerkingsverbanden denken na hoe ze de zorgkracht van de school kunnen vergroten. Een mogelijke werkwijze is HGW of HGPD. In dit artikel worden enkele aspecten van beide werkwijzen besproken. Eerst komt naar voren hoe identiteit hierbij een rol speelt. Daarna wordt duidelijk gemaakt wat de sterke kanten zijn van HGW en HGPD en hoe zij naast elkaar gebruikt kunnen worden. Vervolgens worden aanbevelingen gedaan.

Identiteit
Wanneer een keuze voor een bepaalde werkwijze moet worden gemaakt is het van belang om eerst te kijken of deze past bij de identiteit van de school. Heeft de school bijvoorbeeld een bijbelse visie op de positie van ouders? Soms is er weerstand om ouders te betrekken bij de gesprekken over kinderen, terwijl zij in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor hun kind; ouders zijn immers de handen van God (HC vr 104). Een ander punt van aandacht is of de school de ouders positief tegemoet treedt en ze wil zien als ‘opvoedingsexperts’. Hiermee bedoel ik dat leraren van ouders kunnen leren wat het beste werkt in de omgang met het kind. De Heere vraagt van ons dat we de ander (dus ook de ouders) uitnemender achten dan onszelf. 
Verder is bijvoorbeeld ook een Bijbelse visie op ‘de mogelijkheden’ van het kind van belang. Mijns inziens is het beter te spreken over onderwijsbehoeften van leerlingen, dan over ontwikkelkracht of kansen van leerlingen.

HGPD
HGPD is een werkwijze die sterk inzet op de leerkracht met handelingsverlegenheid omtrent één leerling. De leerkracht formuleert zijn hulpvraag en gaat na wat hij al aan het probleem gedaan heeft. Hij schrijft in het HGPD formulier welke risico- en compenserende factoren de leerling heeft. Deze factoren hebben te maken met het gedrag en leren van het kind, de leerkracht, de klas, de school en de thuissituatie.
In een gesprek met de orthopedagoog en eventueel de ouders kan het inzicht in deze factoren vergroot worden, waardoor een voorlopige verklaring van het probleem wordt geformuleerd. Besproken wordt hoe de compenserende factoren gebruikt kunnen worden om de belemmerende factoren te verminderen. Deze aanpak leidt tot directe resultaten, en geeft antwoord op de vraag: hoe kan de leerkracht morgen verder gaan? Binnen een aantal weken worden de afspraken geëvalueerd en bijgesteld.  Het formulier gaat mee als groeidocument. Mijns inziens is dit een krachtige werkwijze die leerkrachten ondersteunt in complexe situaties.

HGW
HGW beoogt de kwaliteit van het onderwijs en de begeleiding van alle leerlingen te verbeteren. Een aantal uitgangspunten wordt besproken.

De leerling met zijn onderwijsbehoeften staat centraal
Hierdoor wordt bevorderd dat ieder kind zoveel mogelijk ‘onderwijs op maat’ krijgt. Wat heeft dit kind, van deze ouders, in deze groep, bij deze leerkracht op deze school de komende periode nodig? Handig zijn hierbij de hulpzinnen: Deze leerling heeft instructie nodig die..,

  • een leeromgeving nodig die..,
  • feedback nodig die..,
  • groepsgenoten nodig die…,
  • een leerkracht nodig die…,
  • ouders nodig die.. ,

Door het clusteren van leerlingen met vergelijkbare onderwijsbehoeften kan een groepshulpplan worden opgesteld.
Het spreken over onderwijsbehoeften vraagt niet zozeer een omslag in handelen, als wel een omslag in denken. Het helpt om je te richten op het doel en de aanpak.

De leerkracht doet ertoe
De leerkracht is voor de leerlingen niet alleen de eerste stuurman, maar ook identificatiefiguur. De leerkracht kijkt ook kritisch naar zijn eigen handelen. Wie wil zorgen dat leerlingen niet uit de boot vallen, moet zich afvragen uit welke boot ze dan vallen en of de kwaliteit van die boot er misschien iets mee te maken heeft (Pameijer e.a. 2009). De leerkracht wordt uitgedaagd om zijn eigen ondersteuningsbehoeften te bepalen als de onderwijsbehoeften van leerlingen complex zijn.

Aandacht voor positieve aspecten
Evenals in HGPD worden de positieve aspecten van de leerlingen, de leerkracht en ouders doelbewust opgezocht, zodat de motivatie van de betrokkenen toeneemt. Met positieve aspecten wordt bedoeld kwaliteiten van betrokkenen, interesses en succesvolle aanpakken. Positieve aspecten van leerlingen zijn ook vaak goed te beïnvloeden door leerkrachten.

Praten MET leerlingen
Een leerling kan soms zelf goed aangeven wat zijn onderwijsbehoefte is. Er wordt met de leerling een kindplan opgesteld. Vragen die aan het kind gesteld kunnen worden zijn: Wat kun je al goed? Wat zou je graag willen veranderen? Door het kind te betrekken bij het plan, neemt de motivatie van het kind toe om te werken aan oplossingen.

Doelgericht, systematisch en transparant werken
HGW wil alle leerlingen bespreken in een groepsbespreking volgens de vier fasen (waarnemen-begrijpen-plannen-realiseren). Er zijn voor HGW veel verschillende formulieren ontwikkeld. Deze moeten per school aangepast worden. HGW heeft ook een groeidocument voor één zorgleerling ontwikkeld, maar eerlijk is eerlijk, die van HGPD is overzichtelijker. Het werken in diverse fasen (intake-strategie-onderzoek-indicering-advies) op individueel niveau bij zorgleerlingen lijkt me als school niet haalbaar. Dat stukje zou ik liever overlaten aan de hulpverlening.

Aanbevelingen
Bepaal de startsituatie
Veel scholen hebben zonder dat ze iets van HGW of HGPD weten al veel van de bovenstaande uitgangspunten ingevoerd. Hoe kan dan in het kader van Passend Onderwijs de zorg aan leerlingen verbeterd worden? Om deze vraag te beantwoorden zal elke school zijn startsituatie moeten bepalen. Dit kan door de vraag te stellen: wat is al effectief in de leerlingenzorg en wat willen we verder ontwikkelen?

Werk samen
Samenwerken (met een maatje) is van belang voor leerkrachten op een school, maar ook voor scholen in een samenwerkingsverband. Er zijn scholen met veel expertise op een bepaald gebied. Fijn dat ib’ers en directies bereid zijn praktijkkennis met andere scholen te delen! Zo wordt de zorgkracht van de verschillende scholen versterkt en kan niet alleen in naam, maar ook metterdaad van een samenwerkingsverband worden gesproken.

In afhankelijkheid
Voor een leerkracht kunnen de onderwijsbehoeften van een leerling weleens zijn draagkracht te boven gaan. Wat is het belangrijk om dit eerlijk uit te spreken naar de ouders, zodat gezamenlijk gezocht wordt naar mogelijkheden. Ik herinner me een gesprek dat we zo bij elkaar zaten met leerkracht, intern begeleider en een moeder. Nadat de leerkracht zijn zorgen verteld had, begon de moeder te spreken. Haar zorgen waren nog vele malen groter. We voelden de pijn van een moeder die voor liefde geweld terugkreeg. Stil zaten wel te luisteren, tot ik van verbazing uitriep: ‘Hoe houdt u dit vol?’ Het werd even stil voor het antwoord kwam: ‘Op mijn knieën, want hoe meer ik bid, hoe meer ik Gods hulp en kracht ervaar.’ Na het getuigenis van deze moeder was er uitzicht voor de leerkracht. Het was een boodschap voor ons allemaal. 

Literatuur
Pameijer, N., Beukering, T. van & Lange, S. de (2009). Handelingsgericht werken: een handreiking voor het schoolteam. Leuven/Den Haag: Acco.
Verstegen, R. & Förster, R. (2002). Handelingsgerichte Procesdiagnostiek: de positieve samenwerkingsspiraal. Te downloaden via
http://www.hgpdigi.nl/Prod/PDF/Handleiding.pdf